DE NEDERLANDSE MIEREN nlmieren.nl
HOME- SITEMAP
MIEREN ALS TEKENBESTRIJDERS?
 

Van rode bosmieren is bekend dat ze in hun leefomgeving verhinderen dat bepaalde insecten een plaag worden. Dit is een van de belangrijkste redenen waarom rode bosmieren in veel Europese landen beschermde diersoorten zijn (niet meer in Nederland overigens!). Mieren zijn zelfs (één van) de oudst beschermde ongewervelde diersoorten in de wereld.

De tekenonderzoekers Hillyard noemt mieren natuurlijke vijanden van teken. Zou het echt zo zijn dat mieren een rol kunnen spelen als bestrijders van teken? Dat zou een fantastisch bericht zijn. Immers de toename van teken wordt verontrustend genoemd. Vooral omdat zij dragers zijn van allerlei ziekteverwekkers. De bekendste ziekten zijn  de Ziekte van Lyme en Tekenencefalitis (hersenvliesontsteking) bij mensen en de in opkomst zijnde tekenkoorts (Babesia) bij honden en runderen. Zelfs de Q-koorts-bacterie is in teken aangetroffen.

Voor hun levenscyclus zijn de teken van het geslacht Ixodes en Dermacentor afhankelijk van grote zoogdieren. Hoe meer daar van zijn, hoe meer teken. Grote grazers (paarden, runderen, schapen) worden steeds meer ingezet om ongewenst geachte verruiging en vergrassing van natuurgebieden te minimaliseren. Bovendien worden de grazers geregeld verplaatst, waardoor tekenverspreiding (en dus de verspreiding van de ziekteverwekkers) geoptimaliseerd wordt.

Mieren zouden dus teken buit maken. In welke mate is onbekend en welke soorten dit doen eveneens. Op internet zag ik foto's van Hans Arentsen waarbij te zien was dat teken door mieren naar hun nest worden gesleept. Op de foto’s die hij daarvan heeft genomen is te zien dat moerassteekmieren Myrmica scabrinodis volwassen teken pakken. Hij nam ook waar dat andere mierensoorten teken buit maakten.

Ik wilde wel eens weten hoe effectief mieren daarbij zijn. Dus besloot ik een aantal veldexperimenten te doen. Op 7, 8 en 9 juli 2015 ving ik tientallen schapenteken (Ixodes ricinus). De teken liet ik los in de buurt van mierennnesten. Ik noteerde het aantal keren dat de mieren contact hadden met de levende of dode teek, hoe vaak ze met hun kaken de teken beetpakten, hoeveel keer dat langer was dan een minuut en hoe vaak de teken naar het nest werden versleept. De resultaten staan hiervan in de tabel hieronder.

datum

 

dood/
levend

mierensoort

contact-momenten

contact met kaken

contact langer dan 1 minuut

weggesleept naar

7-07-2015

adult♀

levend

humusmier lasius platythorax

3

1

0

-

7-07-2015

adult♀

levend

behaarde rode bosmier formica rufa

21

6

2

rand nest

7-07-2015

adult♀

levend

behaarde rode bosmier formica rufa

17

5

3

rand nest

7-07-2015

adult♀

levend

grauwzwarte renmier formica fusca

4

0

0

-

8-07-2015

adult♀

levend

behaarde rode bosmier formica rufa

106

18

7

nest

8-07-2015

adult♀

dood

bossteekmier myrmica ruginodis

20

5

0

-

8-07-2015

adult ♂

levend

bossteekmier myrmica ruginodis

20

4

0

-

9-07-2015

adult ♂

dood

glanzende houtmier lasius fuliginosus

50

8

1

-

9-07-2015

adult ♂

dood

glanzende houtmier lasius fuliginosus

27

2

0

-

9-07-2015

adult ♀

dood

glanzende houtmier lasius fuliginosus

43

1

0

-

9-07-2015

nimf

levend

glanzende houtmier lasius fuliginosus

28

0

0

-

9-07-2015

adult ♀

dood

wegmier lasius niger

17

0

0

-

9-07-2015

adult ♂

dood

zwarte zaadmier tetramorium caespitum

3

1

0

-

Nadien heb ik hetzelfde experiment met levende teken nog herhaaldelijk uitgevoerd met rode bosmieren, wegmieren en buntgrasmieren Lasius psammophilus met vergelijkbare resultaten zoals geillustreerd in de tabel.

Samenvattend bleek dat er in het algemeen weinig belangstelling voor de teken was. Vaak liepen de mieren over de teken heen zonder ook maar de geringste belangstelling. Soms werd er even in de teek gebeten. Enkele malen wat nadrukkelijker, maar uiteindelijk lieten ze de teek weer los. Kennelijk konden de kaken niet door de dikke, elastische huid (zoiets als leer) heen komen. Soms sleepten ze even met de teek, met name rode bosmieren deden dat. Er werd zelfs met mierenzuur gewerkt. Maar ook dat had geen uitwerking, de teek liep daarna rustig verder. Later inspecteerde ik de teken op beschadigingen, maar kon daar niets van ontdekken.

Slechts twee keer zag ik een rode bosmier een teek oppakken en er resoluut mee weglopen. Niet het nest in, maar juist van het nest af. Een keer zag ik dat een volgezogen teek het nest in werd ingesleurd.

Mijn eindconclusie is dat teken door tal van mierensoorten 'even' als voedsel worden gezien, maar dat ze snel tot de conclusie komen dat ze teken niet in mootjes kunnen hakken, dus laten ze de teek met. Ook mierenzuur lijkt geen effect op de vitaliteit van de teek te hebben.

Bronnen
Boer P 2015. Van muggen, mieren en teken. BLAD 42: 6. [pdf]
Hillyard PD 1996. Ticks of North-West Europe. Synopses of the British Fauna 52.

 

 

 

 

Peter Boer, laatste update: 03.02.2017